Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Frontpage Slideshow | Copyright © 2006-2010 JoomlaWorks, a business unit of Nuevvo Webware Ltd.
of
in
Nieuws
Studentenarbeid anno 2012: Nieuwigheden

Met de zomervakantie in aantocht, is het het ideale moment om de regels rond de studentenarbeid op te frissen. Zoals bekend, is de student onder bepaalde voorwaarden niet onderworpen aan de sociale zekerheid voor werknemers, maar is er op hun loon slechts een heffing voor de sociale zekerheid aan een lager tarief, een solidariteitsbijdrage, verschuldigd. Vanaf 1 januari 2012 zijn er een aantal nieuwe bepalingen in voege getreden die zich onder andere situeren op het vlak van de maximumduur van de overeenkomst voor studenten en het aantal dagen dat de student per jaar kan werken aan de solidariteitsbijdrage. Deze nieuwigheden hebben een vrij grote impact op de tewerkstelling van jobstudenten en dit zowel voor de student zelf als voor de werkgever. Het is dan ook zeker aangewezen om even stil te staan bij de belangrijkste wijzigingen alvorens studenten in dienst te nemen.

 

Studentovereenkomst geldt voor maximum twaalf maanden

De maximumduur waarvoor een studentenovereenkomst kan worden afgesloten, is sinds 1 januari 2012 van zes maanden opgetrokken naar twaalf maanden. Van zodra de student twaalf maanden ononderbroken in dienst is van dezelfde werkgever, beschouwt de R.S.Z. hem als een gewone werknemer en is de solidariteitsbijdrage sowieso niet meer van toepassing.

Maximum vijftig dagen per kalenderjaar aan solidariteitsbijdrage

Aangezien het de bedoeling was om de regelgeving inzake studentenarbeid te vereenvoudigen en versoepelen, is men afgestapt van het onderscheid tussen de zomermaanden en de rest van het kalenderjaar.

Waar er tot eind 2011 gedurende maximum 23 dagen in het derde kwartaal en 23 kalenderdagen tijdens het schooljaar gewerkt kon worden aan de solidariteitsbijdragen, kan de student vanaf 1 januari 2012 in totaal maximum vijftig dagen (in plaats van 46) presteren binnen de gunstige regeling van de studentenarbeid en dit gespreid over het gehele kalenderjaar en over al zijn werkgevers. Ten minste voor zover het om een tewerkstelling in het kader van een arbeidsovereenkomst voor studenten gaat en de prestaties geleverd worden op momenten dat de student niet verplicht aanwezig dient te zijn in de onderwijsinstelling.

Wanneer een student in hetzelfde kalenderjaar meer dan vijftig dagen werkt, dan is de solidariteitsbijdrage enkel van toepassing op de eerste vijftig dagen die werden aangegeven in Dimona. Vanaf dag 51 zijn de gewone bijdragen verschuldigd.

Als het contigent van vijftig dagen wordt overschreden door een student die in de loop van het kalenderjaar slechts door één werkgever tewerkgesteld wordt, dan zullen de gewone sociale zekerheidsbijdragen van toepassing zijn voor de hele periode als de werkgever al deze dagen in de DmfA aangegeven heeft met de solidariteitsbijdrage. Wanneer de werkgever de dagen die het contingent overschrijden echter aangeeft met de gewone sociale zekerheidsbijdragen, dan zijn de gewone bijdragen slechts verschuldigd vanaf de 51ste dag en niet voor de volledige periode van tewerkstelling.

Uniforme solidariteitsbijdrage

Aan de onderscheiden periodes werden tot eind 2011 ook andere solidariteitsbijdragen gekoppeld, met name een bijdrage van 7,5 % (5 % werkgever en 2,5 % student) in juli, augustus en september tegenover de iets hogere bijdrage van 12,5 % (respectievelijk 8 % en 4,5 %) gedurende de rest van het jaar. Ook dit behoort nu tot het verleden. Vanaf 2012 geldt er gedurende het volledige kalenderjaar een uniforme solidariteitsbijdrage van 8,13 % die wordt opgesplitst in een bijdrage van 5,42 % ten laste van de werkgever en 2,71 % ten laste van de jobstudent.

Teller studentenarbeid op basis van de Dimona- en Dmfa- aangiftes

Aangezien de toepassing van de verminderde sociale zekerheidsbijdragen onder meer afhankelijk is van de naleving van het contingent van vijftig dagen, is het belangrijk dat de student en zijn werkgever op elk moment het saldo, het aantal “vrije” dagen kunnen nagaan. Hiertoe werd een “teller studentenarbeid” in het leven geroepen.

Om de teller up to date te houden, wordt het contingent door de overheid aan de hand van de Dimona- en DmfA- aangiftes doorlopend bijgewerkt. Werkgevers dienen hiertoe per kwartaal een Dimona-aangifte te doen waarin het aantal arbeidsdagen die gedekt worden door de studentenovereenkomst voor het desbetreffende kwartaal gereserveerd moeten worden.

De teller kan door de student via http://www.studentatwork.be/ geraadpleegd worden. Op deze website kan de student een attest aanvragen dat hij ter staving van zijn overblijvend contingent aan de werkgever kan overmaken.

Gelet op de gevolgen van de overschrijding van het contingent, mag het duidelijk zijn dat het voor alle werkgevers die studenten aanwerven een absolute “must” is om dit attest op te vragen.

Joni Roobaert
Legal Expert

www.hdp-arista.be

 
Generatiemanagement, de kracht van de verscheidenheid in je organisatie

Meer en meer publicaties, debatten en seminaries hebben als thema de “generatie-Y”, Ze staan zo in “the picture” dat sommige leden van deze generatie een blog hebben gelanceerd “hoe de generatie-X sturen”!

Maar wat vertegenwoordigen deze verschillende generaties en wat is het van belang om met hen rekening te houden in het HR-beleid?

Men spreekt van de “generatie-X” om de opvolgers van de “baby-boomers” aan te duiden, ze zijn geboren tussen de jaren 1960 en 1979 en opgegroeid met de crisis en met de val van de muur van Berlijn ! De “generatie-Y” zijn de 20’ers en de jonge 30’ers, ze zijn opgegroeid met de PC en de financiële crisis.

Om de generatie-X te typeren hebben we vaak de neiging om hun grote professionele inzet uit te vergroten tegenover de generatie-Y, die meer belang hecht aan zijn persoonlijke ontwikkeling . De “generatie-X” is op zoek gegaan naar meer stabiliteit op professioneel vlak met soms grote desillusies op het einde van hun carrière. De “generatie-Y” daarentegen is ervan overtuigd dat ze haar carrière best uitbouwt bij verschillende werkgevers en dat ze zelfs haar eigen werkgever wordt. Goed opgeleid en ambitieus , bereikt de “generatie-Y” op korte tijd posities met grote verantwoordelijkheden en nemen ze zo de mooie posities in van de generatie-X.

Eén ding is zeker, wegens de evoluerende samenstelling van de leeftijds pyramide in de meeste bedrijven, veroveren de Y-ers een meer en meer belangrijke plaats in de professionele context.

In plaats van het accent te leggen op hun verschillen is het van essentieel belang om voordeel te halen uit de complementariteit van de verschillende generaties en hun troeven optimaal in te zetten...

Absolute troeven van de “generatie-Y”, zijn hun passie voor technologie, hun alerte snelheid, efficiëntie, hun mobiliteit en het steeds “gelinkt zijn”. Ze dragen bovendien waarden hoog in het vaandel en verwijten de generatie-X hun nonchalance tegenover bepaalde thema’s zoals ethiek en ecologie. Ze accepteren de hiërarchie op basis van competenties en niet op basis van autoriteit en beschouwen een arbeidsrelatie eerder als een partnerschap. Het is voor hen van fundamenteel belang om deel uit te maken van een netwerk, van een groep.

Men noemt ze ook “Why-generatie”, constant op zoek naar het waarom en naar zingeving. Ze worden geconfronteerd met behoorlijk veel vragen over de samenleving en hun positie daarin. Ze hebben moeite om zich te investeren als men hen “het waarom en hoe” niet uitlegt. Daar tegenover staat dat, vanaf het moment dat een manager of project hun pad kruist waarin ze geloven, ze bereid zijn om zich voor 200% te investeren. Ze zijn zeer creatief, oplossingsgericht en voelen zich als een vis in het water in een multiculturele omgeving. Bezorgd om te leren en constant te ontwikkelen, zijn ze op zoek naar feedback en geven ze deze zelf ook gretig. Ze hebben heel wat troeven in handen die onze bedrijven vandaag de dag nodig hebben. Het is de kunst en de uitdaging om hen de autonomie en flexibiliteit te geven die ze nodig hebben om zich goed te voelen en die onze organisaties ten goede komen. Maar uiteindelijk is dit allemaal misschien ook van toepassing voor de “generatie-X”?

Laten we de “generatie-Z” van 11 september niet over het hoofd zien, zij komen binnenkort op de arbeidsmarkt…

Er wordt geschat dat deze generatie in 2015 40% van de Europese actieve bevolking zal vertegenwoordigen.

Isabel Litvin
HR Consultant HRConnect

 
PLUS Uitzendkrachten steunt de Special Olympics

Antwerpen, 17 april 2012 - Meer dan 3200 atleten strijden tijdens het Hemelvaartweekend in Luik voor een medaille in één van de 19 sporttakken. Ook Pauline Deschaepmeester, een turnster van 20 jaar neemt deel aan de 31ste editie van de Nationale Special Olympics Spelen voor atleten met een verstandelijke handicap. PLUS heeft besloten om haar een duwtje in de rug geven.

Lees meer...
 
Christian Van Laer wint de eerste editie van de Uitzendkracht van het jaar

Brussel, 22 maart 2012 – PLUS Uitzendkrachten maakt de winnaar van de wedstrijd “Uitzendkracht van het jaar” bekend tijdens de Vacature Talentum-beurs.

“Via deze wedstrijd bekroont PLUS  enthousiaste, gedreven uitzendkrachten met  een dosis flexibiliteit en aanpassingsvermogen” licht Bob De Meyer, algemeen directeur van PLUS Uitzendkrachten, toe. “Uitzendkrachten worden niet altijd meegenomen in het proces van functionerings- of evaluatiegesprekken en hebben even goed nood aan waardering en schouderklopjes. Gemotiveerde uitzendkrachten zorgen immers voor meer productiviteit en ondernemerschap.”

 

Lees meer...
 
De provinciale winnaars van de wedstrijd ‘Uitzendkracht van het jaar’ zijn bekend

Brussel, 21 februari 2012 – Via deze wedstrijd bekroont PLUS Uitzendkrachten de enthousiaste, gedreven uitzendkrachten met  een dosis flexibiliteit en aanpassingsvermogen. Meer dan 120 uitzendkrachten waagden de afgelopen maanden hun kans op de titel ‘Uitzendkracht van het jaar’.

Lees meer...
 
<< Start < Vorige 1 2 3 Volgende > Einde >>

Pagina 1 van 3